Book cover

Zullen wij elkaar ontmoeten

Lofzangen, 62


0:00 0:00
All Verses


1. Zullen wij elkaar ontmoeten aan de overzij van ’t meer?Waar de golven zachtjes kabb’len, want daar zijn geen stormen meer.

Ja, ik zal, ja, ik zal,ja, ik zal u daar ontmoetenen met blijdschap u begroetenaan de overzij van ’t meer.

2. Zullen wij elkaar ontmoeten in die haven, wonderschoon,vrij van alle zorg en smarten, vrij van alle spot en hoon?

Ja, ik zal, ja, ik zal,ja, ik zal u daar ontmoetenen met blijdschap u begroetenaan de overzij van ’t meer.

3. Zullen wij elkaar ontmoeten in die stad, zo heerlijk mooi,gans vervuld van pracht en luister, in een hemels witte tooi?

Ja, ik zal, ja, ik zal,ja, ik zal u daar ontmoetenen met blijdschap u begroetenaan de overzij van ’t meer.

4. Zullen wij elkaar ontmoeten als eens Jezus wederkeert,en met Hem voor eeuwig wonen in het rijk waar Hij regeert?

Ja, ik zal, ja, ik zal,ja, ik zal u daar ontmoetenen met blijdschap u begroetenaan de overzij van ’t meer.